vrijdag 7 december 2012


Als wie op reis gaan om met eigen ogen de stad van hun verlangen te aanschouwen, en zich verbeelden dat men in een werkelijkheid de charme van mijmeringen kan ondergaan.
Een slapend mens houdt in een cirkel om zich heen de draad der uren, de ordening der jaren en werelden vast.
Maar mijn slaap hoefde, ook in mijn eigen bed, maar diep te zijn of mijn geest, geheel ontspannen, maakte zich los van de omgeving waar ik was ingeslapen; en als ik dan midden in de nacht wakker werd, niet wetend waar ik me bevond, wist ik het eerste ogenblik niet eens wie ik was; ik had alleen een bestaansgevoel, in de oereenvoud van dien, zoals het misschien trilt in een dier; ik was berooider dan de holenmens; maar dan kwam de herinnering - nog niet aan de plaats waar ik was maar aan sommige andere waar ik had gewoond of waar ik had kunnen zijn - me als van boven te hulp om mij uit het niets te halen waar ik in mijn eentje niet uit zou zijn gekomen; in een seconde vloog ik over eeuwen van beschaving heen, en uit een vaag geziene glimp van petroleumlampen, vervolgens van hemden met omgeslagen boorden, werden langzaamaan de oorspronkelijke trekken van mijn ik hersteld.



uit 'Op Zoek naar de Verloren Tijd'
Marcel Proust
(in een vertaling van Thérèse Cornips)





Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen